Artikel: Insteekslot vervangen in een binnendeur, van opmeten tot sluitplaat
Insteekslot vervangen in een binnendeur, van opmeten tot sluitplaat
Blijft je deurklink slap hangen of valt de deur niet meer in het slot, dan is het insteekslot vaak versleten. Een insteekslot vervangen is een klus van een kwartier tot een half uur, als je de juiste maat hebt besteld. Daar gaat het vaak al mis. Hieronder lees je welke maten je opmeet en hoe je het nieuwe slot plaatst.
In het kort. Haal de klinken van de deur, meet doornmaat, PC- of SL-maat en voorplaat, en bestel een slot met dezelfde maten. Is het nieuwe slot binnen, haal dan klink en rozetten eraf, neem een eventuele cilinder uit, schroef de voorplaat los en trek het oude slot eruit. Zet de dagschoot de goede kant op, schuif het nieuwe slot erin en monteer het beslag terug.
Wanneer is je insteekslot aan vervanging toe?
Een insteekslot is het stalen kastje in de zijkant van de deur, met de dagschoot (het schuine schootje dat de deur dichthoudt) en de veer die je klink terugduwt. Is het slot van je binnendeur kapot, dan merk je dat meestal zo.
- De dagschoot blijft hangen. Spuit eerst wat slotspray langs de dagschoot. Helpt dat niet, dan is het mechaniek versleten.
- De dagschoot valt niet in de sluitplaat. Dat ligt vaak niet aan het slot maar aan een gezakte deur of een verschoven sluitplaat. Kijk dan eerst bij de sluitplaat verderop.
- De klink veert niet terug. Haal de klinken eraf, steek alleen de krukstift in het slot en draai hem met een tang een stukje om. Schiet de stift vanzelf terug, dan zit het probleem in de klink of rozet. Blijft hij staan, dan is de veer in het slot op of loopt het mechaniek vast, en dan is vervangen de oplossing.
Toe aan een nieuw slot? Kies het dan in dezelfde kleur als je deurbeslag. De voorplaat zie je elke keer als de deur openstaat, en een zwarte voorplaat bij een zwarte klink maakt het af. Onze loopsloten zijn er in dezelfde afwerkingen als de klinken.
Welk type insteekslot zit er in je deur?
Bij binnendeuren kom je vier typen tegen.
- Loopslot zonder sluiting. Alleen een krukgat en een dagschoot, voor woonkamer, keuken en gang.
- Wc- of badkamerslot. Binnen een draaiknop die de nachtschoot uitschuift, buiten een venster met vrij of bezet.
- Klavierslot. Een sleutelgat voor een baardsleutel, de ouderwetse sleutel met een baard aan het eind. Een slot voor een baardsleutel past op slaap- en werkkamers die je wilt afsluiten.
- Cilinderslot. Een peervormig gat met een profielcilinder, bediend met een platte sleutel.
Kies hetzelfde type als het oude slot. Een ander type vraagt andere gaten en ander beslag, zie de gids over een deurklink met slot kiezen.
Zo meet je het oude slot op
Doornmaat, hartafstand en voorplaat meet je ook terwijl het slot nog in de deur zit, met de klinken eraf. Zo bestel je eerst en haal je het oude slot pas uit de deur als het nieuwe binnen is. Alleen voor de maat van de kast moet het slot eruit.
Wat is de doornmaat en hoe meet je die?
De doornmaat is de afstand van de voorkant van de voorplaat tot het hart van het krukgat, het vierkante gat voor de krukstift. Zet je rolmaat of schuifmaat tegen de voorplaat en meet tot het midden van dat gat. Bij binnendeuren is 50 mm gangbaar, maar vooral in deuren van vóór 1990 kom je ook 40, 55 of 60 mm tegen.
Het krukgat in je deur is op precies die afstand geboord. Wijkt de doornmaat van het nieuwe slot af, dan past de krukstift niet meer door deur en slot. Onze loopsloten hebben een doornmaat van 50 mm. Meet je bij je oude slot 40, 55 of 60 mm, dan past een slot van 50 mm niet op de bestaande gaten.
PC-maat en SL-maat
De hartafstand loopt van het hart van het krukgat tot het hart van het cilindergat of sleutelgat. Meet tot het midden van het ronde deel van dat gat.
- Bij een cilinderslot heet dat de PC-maat, naar profielcilinder. Het cilindergat zit onder het krukgat, bij binnendeuren meestal op 55 mm en bij zwaardere sloten op 72 mm.
- Bij een klavierslot heet het de SL-maat. Het sleutelgat zit 56 mm onder het krukgat.
- Bij een wc-slot zit het gat voor de draaiknop 63 mm onder het krukgat, vaak geschreven als PC 63.
Een loopslot zonder sluiting heeft geen hartafstand. Meet je bij een cilinderslot 55 mm, dan past ons cilinderslot met PC 55 en zet je je oude cilinder gewoon terug, zolang je hetzelfde beslag houdt. Voor de toiletdeur lees je in de handleiding voor een wc-slot met draaiknop hoe slot en garnituur op elkaar aansluiten.
Voorplaat en kast
Meet hoogte en breedte van de voorplaat, de metalen strip in de deurkant. Onze loopsloten hebben een voorplaat van 20 x 174 mm met afgeronde hoeken. Is de nieuwe voorplaat iets langer, steek de uitsparing dan bij met een beitel. Is hij korter, dan blijft er een rand van de oude uitsparing zichtbaar. Past de kast, het deel dat in de deur verdwijnt, niet in de sleuf, dan wordt het een boorklus.
Links of rechts? Zo draai je de dagschoot om
Zolang de dagschoot omkeerbaar is, heeft een insteekslot geen vaste links- of rechtsuitvoering. De schuine kant van de dagschoot wijst de kant op waarin je de deur dichtduwt, de platte kant zit aan de kant waar de deur naartoe opendraait. Bij veel sloten druk je met een dunne schroevendraaier een plaatje in een sleuf op de zijkant van de kast omhoog, waarna de dagschoot een stukje naar buiten veert. Draai hem een halve slag en druk hem terug. Dat lukt alleen als het slot uit de deur is. Bij onze loopsloten is de dagschoot omkeerbaar, zodat je ze links en rechts gebruikt zonder ombouwen.
Wat heb je nodig?
- Een nieuw insteekslot met dezelfde doornmaat, hartafstand en voorplaat, met schroeven voor de voorplaat.
- Kruiskop- en platte schroevendraaier.
- Inbussleutel voor de stelschroef in de klink, meestal 3 mm.
- Rolmaat of schuifmaat en potlood.
- Boormachine met een dun houtboortje.
- Scherpe beitel, alleen als de nieuwe voorplaat groter is.
- Slotspray.
Gereedschap en slotspray haal je bij de bouwmarkt of ijzerhandel, het slot zelf vind je bij ons.
Insteekslot vervangen in zeven stappen
1. Haal klinken en beslag eraf
Draai de stelschroef onder in de hals van de kruk los, trek beide krukken met de krukstift van de deur en schroef de rozetten of schilden los.
2. Haal de cilinder eruit
Alleen bij een cilinderslot. Draai de lange schroef in de voorplaat, ter hoogte van de cilinder, eruit. Steek de sleutel in de cilinder, draai hem een klein stukje tot de cilinder vrijkomt en trek hem aan de sleutel naar buiten.
3. Schroef de voorplaat los en trek het slot eruit
Draai de twee schroeven boven en onder in de voorplaat eruit. Steek de krukstift of een schroevendraaier in het krukgat en trek het slot daarmee naar je toe. Zit het vast door verf, snijd dan eerst met een mes langs de voorplaat. Wrik nooit tussen voorplaat en hout.
4. Vergelijk het oude en het nieuwe slot
Leg beide sloten naast elkaar en controleer de maten en de stand van de dagschoot.
5. Schuif het nieuwe slot in de deur
Druk het slot in de sleuf tot de voorplaat vlak ligt met de deurkant. Vallen de nieuwe schroefgaten niet op de oude, teken ze af en boor ze voor. Pakken de oude gaten niet meer, vul ze dan met een houten plug of lucifers met houtlijm. Draai de schroeven aan tot ze net vast zitten.
6. Monteer klink en beslag terug
Steek de krukstift door het slot, zet rozetten of schilden terug en zet de krukken vast met de stelschroef. Schuif een eventuele cilinder terug en draai de lange schroef weer aan. Hoe je de klink recht en stevig terugzet, staat in het stappenplan voor het monteren van een deurklink.
7. Test het slot
Beweeg de klink tien keer, hij moet soepel omlaag gaan en vanzelf terugveren. Doe de deur een paar keer dicht zonder de klink, dan moet de dagschoot vanzelf in de sluitplaat vallen. Test bij een wc-slot, klavierslot of cilinderslot ook de nachtschoot, eerst met de deur open en pas daarna dicht.
De sluitplaat controleren
Valt de dagschoot niet in de sluitplaat, het metalen plaatje in het kozijn, maak de punt dan zwart met potlood, sluit de deur zachtjes en kijk waar de streep op de sluitplaat staat.
Ligt de afdruk vlak naast de opening, vijl de opening dan een paar millimeter ruimer of verplaats de sluitplaat. Ligt hij een flink stuk lager, draai dan eerst de scharnierschroeven aan, want vaak is de deur gezakt. Rammelt de deur, schuif de sluitplaat dan een millimeter of twee richting de deuraanslag. Een uitgesleten sluitplaat vervang je, en let daarbij op het type deur, want een opdekdeur vraagt een andere sluitplaat dan een stompe deur.
Veelgemaakte fouten
- Bestellen op het oog. Twee sloten met dezelfde voorplaat kunnen een andere doornmaat hebben.
- PC 55 en SL 56 verwarren. Het verschil is één millimeter, maar het gat heeft een andere vorm.
- De dagschoot verkeerd om. De deur valt dan niet in het slot.
- De voorplaat te strak of scheef vastzetten. Daardoor kan de dagschoot aanlopen.
Geen slot of een oplegslot in de deur?
Zit er nog geen slot in de deur, of een oplegslot dat op het deurvlak geschroefd zit, dan is dit geen vervangklus. Voor een insteekslot moet je dan zelf een sleuf in de kopse kant maken en een krukgat boren. Hoe dat gaat, lees je in de handleiding zelf een loopslot plaatsen.
En de buitendeur?
Dit artikel gaat over binnendeuren. Een buitendeur kent andere eisen, zoals een inbraakwerend hoofdslot met SKG-keurmerk, vaak als deel van een meerpuntssluiting, met een passende cilinder en passend beslag. Ook is de PC-maat bij de meeste buitendeuren 72 mm. Laat je voor een buitendeur daarom adviseren door een slotenmaker.
Nu je toch bezig bent
De voorplaat zie je elke keer dat de deur openstaat, dus kies hem in dezelfde afwerking als je klinken, zoals een mat zwart loopslot bij mat zwart beslag. Onze loopsloten voor binnendeuren zijn er in mat zwart, mat goud, wit, koper, gun metal en RVS, als loopslot zonder sluiting, wc-slot, klavierslot en cilinderslot. Zo loopt één afwerking door tot in de zijkant van de deur.






















